Frambozenrassen kiezen voor de eetbare tuin

De Planting Seeds-tuin wordt uitgebreid met ongeveer 1300 m². Een groot deel daarvan gaat naar fruit, want hoewel we voor de meeste groenten zelfvoorzienend zijn, zitten we daar voor fruit nog ver van.
Het plantseizoen voor kleinfruit loopt van oktober tot december, dus nu is hét moment om keuzes te maken. Eerst op de planning: de frambozen.
Ik ben op alle vlakken fan van diversifiëren, en bij frambozen is dat niet anders. Ik ga dus voor verschillende rassen. Maar dan komt de moeilijkheid: keuzestress! Want er bestaan veel soorten frambozen.
Uiteindelijk heb ik mijn keuze op een aantal factoren gebaseerd. En omdat ik het denkwerk nu toch al gedaan heb, deel ik het graag met jou.
Korting
Ga je zelf ook kleinfruit bestellen? Met kortingscode PLANTINGSEEDS krijg je altijd 10% korting op je volledige bestelling in de webshop van De Groene Makers. De Groene Makers is de webshop van Merel en Ruud, die je misschien wel kent van Moestuinadvies. In hun webshop vind je onder andere een ruim aanbod aan (moestuin)zaden, bloembollen, kleinfruit en andere eetbare planten. Als je deze kortingscode gebruikt, ontvang ik een kleine commissie op je bestelling. Jij betaalt daardoor niets extra en behoudt gewoon de korting.
Waarop let je bij het kiezen van frambozenrassen?
Oogstspreiding: zomerframbozen én herfstframbozen
Eén enkel ras geeft je doorgaans een aantal weken frambozen. Het combineren van rassen rekt dat naar meerdere maanden (van juni tot de eerste vorst, in onze tuin doorgaans in november).
Frambozenrassen vallen in twee grote groepen. Zomerframbozen, zoals Valentina en Black Jewel, geven voornamelijk oogst in juni en juli. Herfstframbozen dragen op scheuten die ze in hetzelfde jaar gemaakt hebben en zijn dus wat later, met frambozen vanaf augustus tot de eerste vorst als resultaat. Fallgold en Heritage zijn voorbeelden van herfstframbozen.
Kies bij voorkeur zowel herfst- als zomerframbozen als je lang wil kunnen oogsten. Heb je plaats voor meer dan twee planten, dan is het interessant om ook binnen de twee groepen meerdere rassen te kiezen. Zo zijn er herfstframbozen die vroeg in de herfst al oogst geven, terwijl andere rassen pas wat later volgen.
Sommige herfstframbozen, zoals Sugana Twotimer, kun je doordragend telen: ze geven dan zowel een zomer- als een herfstoogst. Dat kan interessant zijn als je niet veel plaats hebt en vooral de oogst wil spreiden over twee periodes. Daar staat tegenover dat de zomeroogst op de overwinterde stengels relatief beperkt is en dat de totale opbrengst doorgaans lager ligt dan wanneer je een herfstframboos uitsluitend voor de herfstoogst teelt.

Er is één belangrijk aandachtspunt als je voor zowel herfst- als zomerframbozen gaat: ze hebben een verschillend snoeiregime. In de huidige Planting Seeds-tuin heb ik ze in eenzelfde rij gezet. Dat is een “fout” die ik niet opnieuw wil maken. Zomerframbozen dragen op scheuten van vorig jaar, dus die knip je na de oogst weg terwijl je de nieuwe scheuten laat staan. Herfstframbozen dragen fruit op scheuten van hetzelfde jaar, dus hier snoei je alles in de late winter tot op de grond.
Twee tegengestelde snoeiregimes in één rij: ik dacht dat dat geen probleem zou zijn, en hoewel het zeker kan, vind ik het in de praktijk toch maar vervelend. Zomer- en herfstframbozen zal ik nu dus kweken in aparte rijen, om het snoeiwerk te vereenvoudigen.
Pluk- en snoeigemak: frambozen zonder stekels die makkelijk loslaten
Persoonlijk vind ik het ook belangrijk dat ik vlot kan oogsten en opbinden, en twee factoren spelen daarbij een belangrijke rol.
Eerst en vooral hebben frambozen doorgaans kleine stekels. Vooral bij de zomerframbozen vind ik dat soms vervelend, omdat je daar tijdens het seizoen regelmatig nieuwe scheuten moet opbinden.
Het Duitse Bundessortenamt, de federale rassenautoriteit, scoort deze eigenschap van 1 tot 9, waarbij 1 betekent dat stekels afwezig of nauwelijks aanwezig zijn. Golden Bliss krijgt bijvoorbeeld een 8, Himbo Top een 5.
Wil je net als ik zomerrassen zonder stekels, dan zijn bijvoorbeeld Glen Ample, dat bij het Bundessortenamt een 1 scoort, en Glen Coe goede opties.
Bij het oogsten heb ik meestal niet echt last van de stekels; het oogstgemak wordt voor mij vooral bepaald door hoe gemakkelijk de vrucht loslaat. Opnieuw heb ik hier veel gehad aan de informatie van de Duitse rassenautoriteit.
Himbo Top blijkt vruchten te hebben die gemakkelijk van de bloembodem loskomen. Ook Golden Bliss en Glen Ample scoren op dat vlak goed. Vind je oogstgemak belangrijk? Dan zijn dit goede rassen om op je lijstje te zetten.
Sommige oudere commerciële rassen zijn vervelender te oogsten omdat de vruchten niet loslaten of uit elkaar vallen bij het plukken. Een voorbeeld is Schönemann, dat breed verkrijgbaar is in België en Nederland.
Kleur, smaak en stevigheid: zijn gele frambozen zoeter?
Tegenwoordig vind je frambozen in uiteenlopende kleuren, zoals geel, oranje en paars. Dat ziet er extra leuk uit in mijn ontbijtkommetjes, dus ik wil me niet beperken tot rood.
Wil je naast rood ook anders gekleurde frambozen? Kijk eens naar Glen Coe (paars), Black Jewel (zwart) en Golden Bliss (geel).
Ik vind verschillende kleuren een leuke visuele variatie, maar het hangt niet per se samen met smaak. Vaak wordt gezegd dat gele frambozen zoeter zijn dan rode soorten. Dat is niet altijd het geval. Sommige bekende gele rassen zijn kleurmutanten van rode rassen. Zo ontstonden Graton Gold en Kiwigold als spontane mutaties van Heritage. Omdat zulke rassen rechtstreeks als mutatie uit een rood ras zijn ontstaan, kunnen ze er qua groei en smaak sterk op lijken. In de kwekersoctrooien van deze gele frambozen wordt de smaak zelfs omschreven als ‘typisch voor rode frambozen’. De kleur alleen zegt dus niet dat een gele framboos automatisch zoeter smaakt.

Over smaak is er in het algemeen weinig betrouwbare informatie te vinden. Vaak worden frambozen standaard als zoet omschreven, terwijl ik vind dat het ene ras toch net wat zuurder is dan het andere. Heel veel onderbouwde informatie kan ik daarom niet meegeven, behalve een rassenproef die ik vond in de wetenschappelijke literatuur (waarbij het suiker- en zuurgehalte werd gemeten). Deze toonde dat Heritage minder zuur was dan Himbo Top.
Minstens even interessant was dat Himbo Top op hetzelfde perceel van 13,5 naar 10,0 Brix ging tussen twee opeenvolgende jaren. Brix is een maat die bij fruit vaak gebruikt wordt als benadering van het suikergehalte. Niet alleen het ras, maar ook de groeiomstandigheden, zoals het weer, hebben dus een grote invloed op de smaak van frambozen.
Rassen verschillen zowel in de verhouding tussen zoet en zuur als in de stevigheid van de vruchten. Een zachte, smeltende framboos is heerlijk, maar bewaart niet goed en eet je best dezelfde dag nog op. Een stevig ras kan je dan weer wat langer bewaren en gemakkelijker invriezen zonder dat het pap wordt bij het ontdooien. Ik verkies zoet, maar vries ook veel in om een heel jaar uit eigen tuin te kunnen eten. Een combinatie van zachte, zoete rassen en stevigere, iets minder zoete soorten, vind ik daarom optimaal.
Stevige frambozen kan je wat langer vers bewaren én vriezen gemakkelijker in zonder dat ze na het ontdooien veranderen in een papje. Himbo Top, Heritage, TulaMagic en Glen Ample zijn allemaal rassen die zulke stevige vruchten hebben.
Opbrengst: welke frambozenrassen geven de meeste oogst?
Glen Ample staat bekend als een productieve zomerframboos. In een Britse rassenproef lag de oogst ongeveer 60% hoger dan bij Tulameen. Glen Ample heeft bovendien grote vruchten: het Duitse Bundessortenamt geeft het ras een 9 op 9 voor vruchtgrootte, de hoogste score in de betreffende rassenlijst. Tulameen volgt met een 8 en behoort dus ook tot de grootvruchtige rassen.
Bij de herfstframbozen valt Himbo Top op door zijn hoge opbrengst. In een tweejarige rassenproef was Himbo Top duidelijk productiever dan Autumn Bliss. In het eerste jaar lag de opbrengst per meter rij ongeveer dubbel zo hoog; in het tweede jaar was het verschil nog groter. Ook de vruchten van Himbo Top waren in die proef aanzienlijk groter.
Wil je vooral een hoge opbrengst combineren met grote vruchten, dan zijn Glen Ample bij de zomerframbozen en Himbo Top bij de herfstframbozen interessante rassen om te bekijken.
Mijn shortlist
Hopelijk begrijp je nu waarom ik het belangrijker vind om verschillende rassen te combineren dan op zoek te gaan naar ‘hét allerbeste ras’. Een zachte, smeltende framboos is heerlijk, maar bewaart doorgaans niet goed. Een stevige framboos kan je dan weer over het algemeen wat langer bewaren en beter invriezen, maar kan een iets zuurdere ondertoon hebben. En hoewel een ras met stekels waanzinnig productief kan zijn, wil je misschien ook een aantal planten zonder stekels hebben waarvan de kinderen gemakkelijk kunnen oogsten, ook al is dat maar een handje per keer.
Op basis van wat ik gevonden heb, komen deze rassen bovenaan mijn lijstje te staan:
- Glen Ample: voor een productieve, grootvruchtige zomerframboos zonder stekels.
- Himbo Top: voor een productieve herfstframboos met grote, stevige vruchten die gemakkelijk plukken.
- Glen Coe: voor een stekelloze zomerframboos met paarse vruchten.
- Golden Bliss: voor gele frambozen en extra kleurvariatie.
- Heritage: voor een klassieke herfstframboos met stevige vruchten.
Wil je zelf frambozen of ander kleinfruit bestellen? Met kortingscode PLANTINGSEEDS krijg je 10% korting op je volledige bestelling bij De Groene Makers. De code geldt dus niet alleen voor frambozen, maar voor de hele webshop.
